Steeds vaker komt het voor dat de overheid, een bedrijf of een particuliere verhuurder een (dienst)woning tijdelijk wil verhuren, in afwachting van toekomstige plannen.
Een contract hiervoor is zo gemaakt. Maar de verhuurder realiseert zich meestal niet welke risico’s hij hierbij loopt. Om deze risico’s zoveel mogelijk te beperken, is de inhoud van het contract belangrijker dan wel wordt gedacht.
Het uitgangspunt van de wetgever is en blijft dat de huurder van woonruimte recht heeft op huurbescherming. De wet kent hierop een beperkt aantal uitzonderingen die het mogelijk maken om tijdelijk te verhuren. Het is zaak om in het contract tenminste één van deze uitzonderingen duidelijk uit te werken.
Op deze manier kan de bescherming van de huurder daadwerkelijk opzij worden gezet, bijvoorbeeld als het gaat om een echte dienstwoning, of om een wisselwoning of sloopwoning.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mr. M.H. (Menke) Rozeboom.
Moet een elektriciteitsleverancier zijn facturen corrigeren wanneer uit 'har...
De tijd van het jaar komt er weer aan waarin menigeen zijn vaste verblijf ti...
Op de hoogte blijven? Meld u aan voor onze nieuwsbrief!